Keuringen

Intredeonderzoek en PMO

Werkgevers vragen zich soms af of toekomstige werknemers gekeurd kunnen worden, om zo te voorkomen dat zij allergisch worden op het werk. Om deze vraag te beantwoorden, moet je onderscheid maken tussen verplichte en niet-verplichte keuringen.

Verplichte keuringen: de aanstellingskeuring

De wet is vrij streng over verplichte keuringen. Als medische goedkeuring een voorwaarde is om een functie te kunnen uitvoeren, dan moet aan twee voorwaarden voldaan worden:

  1. Het werk moet specifieke medische eisen stellen aan de toekomstige werknemer om de veiligheid van de werknemer en derden te waarborgen.
  2. Deze specifieke medische eisen mogen pas gesteld worden als de risico’s van het werk met de gangbare maatregelen niet weggenomen kunnen worden. Dit is bijvoorbeeld het geval bij een brandweerman.

In de bakkerijsector zijn er gezondheidsrisico’s en deze kunnen niet geheel weggenomen worden. Na het nemen van passende maatregelen blijft er namelijk altijd een klein aantal werknemers over dat toch allergisch wordt.

Je zou dus denken dat een aanstellingskeuring een optie zou zijn. Er is echter geen betrouwbare test om te bepalen wie risico loopt op een grondstofallergie. Mensen die hooikoorts hadden voordat zij in de sector kwamen werken, hebben een hogere kans op grondstofallergie. Maar het is niet gezegd dat zij die daadwerkelijk krijgen. Tegelijkertijd is er een groep mensen die op het eerste gezicht geen risico loopt, maar die toch allergisch kan worden. Het zou dus niet terecht zijn om toekomstige werknemers die een carrière in de bakkerijsector willen, op deze onbetrouwbare wijze te screenen.

Niet-verplichte keuringen: Intredeonderzoek en PMO

Naast de verplichte keuringen zijn er onderzoeken die gericht zijn op het bevorderen van de gezondheid in het werk. Een belangrijk verschil met de (aanstellings)keuringen is dat de werknemer niet verplicht is om deel te nemen en dat het onderzoek geen invloed heeft op de arbeidsovereenkomst of de selectieprocedure voor een functie. De werkgever krijgt geen persoonsgebonden informatie over de resultaten. Er zijn twee voorbeelden van deze ‘niet-verplichte keuringen’: het Intredeonderzoek en het Periodiek Medisch Onderzoek (PMO).

De bakkerijsector heeft het PMO voor grondstofallergie sectorbreed georganiseerd. Meer over dit onderzoek lees je op Onderzoek grondstofallergie.

Een bijzondere vorm van PMO is het Intredeonderzoek. Dit is vaak gericht op bijzondere werkomstandigheden waarvoor een aanstellingskeuring niet van toepassing is. Het Intredeonderzoek bestaat uit twee delen:

  1. De uitgangssituatie wordt vastgelegd.
  2. De werknemer krijgt advies over gezonde werkwijzen.

Een intredeonderzoek is een goede manier om juist de werknemers met een hoger risico te wijzen op het belang van stofarm werken. Een intredeonderzoek is niet sectorbreed georganiseerd. Als je meer informatie wilt over het intredeonderzoek, kun je contact opnemen met het Informatiecentrum Grondstofallergie op 0317 47 12 25, of via het contactformulier.